Dag 13 rustdag in Rocamadour

Ik schreef het al, Rocamadour is echt een bijzonder stadje. Het contrast tussen de drukke toeristen en de stilte in het bedevaartsoort is trouwens wel erg groot. Na een heerlijke nachtrust ontbeet ik met een paar andere pelgrims en ging via de Sanctuaires, (een verzameling kerken en kapellen bovenaan de Escalier de Pèlerin) langs de Chemin de Croix (de kruisweg) nog hoger de rots op, naar het kasteel. Het is een mooie Kruisweg; bij elke statie wordt het uitzicht adembenemender. Boven gekomen dronk ik een kopje koffie op een terras waar een buslading hoogbejaarde Brabanders zat. Zij waren op weg naar Lourdes en hadden hier overnacht. Ik heb me bescheurd om hoe zij in het plat Brabants communiceerden met de Franse obers. Hilarisch. Ik kletste nog even met de buschauffeur en liep toen richting l’Hospitalet. In l’Hospitalet werden vroeger de pelgrims opgevangen en verzorgd, voordat ze verder gingen naar de Zwarte Madonna van Rocamadour. Hier kwamen ook veel Santiagogangers langs. Behalve de kapel zijn er alleen wat ruïnes van het hospitaal over. Er ligt ook het zgn. Champs de Pauvres, waar pelgrims werden begraven die voortijdig de geest gaven.

Ik bezocht er ook de Grotte de Merveille met muurschilderingen van 20.000 jaar oud. Daarna ging ik via de Chemin Sainte en de Escalier de Pèlerin terug naar de refuge. Zo legde ik een stukje “officiële” pelgrimsroute te voet af.

Inmiddels is het refuge weer volgestroomd met pelgrims. Wandelaars, fietsers en zelfs iemand met een ezel. Het is heel bijzonder om zo met vreemden, die een vergelijkbare tocht afleggen, samen te zijn. De grootste gemene deler is dat iedereen wel zal zien wat de dag van morgen brengt. Geen scherp omlijnde doelen, niks moeten, maar gewoon daar gaan waar je jezelf heen brengt.
We kookten en aten met een paar man samen en daarna begonnen de man met de ezel en een man uit Aix en Provence tegen elkaar op sterke verhalen te vertellen over plekken waar ze geweest waren, over rare dingen die gebeurden bij verschillende gites. Beiden waren ze al jaren onderweg, voor kortere en lange tijd en hadden vrijwel overal in Frankrijk en Spanje gezeten. Het was een erg gezellige avond.

PS. Wat ik nog vergat: bij de Sanctuaires steekt een zwaard in de rots. Volgens de overleving is dat het zwaard Durandal van ridder Roland, uit de tijd van Karel de Grote.

IMG_0597.JPG

Dag 12 hoog en ver

Uzerche – Rocamadour

Opzien tegen de dag
Ik zag op tegen de dag van vandaag. Mijn benen waren gisteravnd al behoorlijk moe en vandaag zou het de ene klim na de andere worden. En, ik wilde graag naar Rocamadour om daar een rustdag te nemen. Om daar te komen was nog best ver (meer dan 100 km).

Klimmen door de middeleeuwen
Toch maar op weg. Die klimmen, die kwamen: 5%, 6%, 7%, …. Op een gegeven moment zelfs 10%. Het hakte er flink in. Ik merk namelijk ook dat als ik in de tent geslapen heb, ik minder goed uitgerust ben. Ik hield het tempo daarom laag en trapte gestaag door. Door weerr een schitterend landschap, eerst door de bossen, over een oude spoorlijn langs de Vezère, daarna door het dal van de Dordogne. Bovendien passeerde ik het ene middeleeuwse plaatsje na het andere; het ene nog mooier dan het andere. Donzenac, Turenne, Martel en nog vele kleinere dorpjes.

IMG_0586.JPG

IMG_0587.JPG

IMG_0574.JPG

IMG_0578.JPG

als God in Frankrijk
Op het eerste stuk werd ik ingehaald door een fietser, een Nederlander. Hij fietste een stukje met me mee. Hij woonde hier, in een klein dorpje, als enige Nederland tussen de Fransen. Hij vond het er geweldig. Een groot deel van zijn tijd besteedde hij aan zijn. Hobby wielrennen. 500 km per week. Wat een leven.

De grote stad Brive la Gaillarde besloot ik links te laten liggen. Er doorheen fietsend zag het er mooi uit, maar ik had geen zin om door een stad te wandelen. Dus voort ging het. Gelukkig kwam ik behalve wegen bergop ook afdalingen tegen. Sommige waren wel erg gevaarlijk, met scherpe bochten en veel grind op de weg. Ik kwam telkens met verkrampte handjes beneden. Uiteindelijk kwam ik moe maar voldaan aan in Rocamadour: een stadje dat tegen de rotswand is aangekleefd. De korte afdaling er naar toe gaf een spectaculair zicht op het geheel.

IMG_0590.JPG

Rocamadour
Toen ik door de eerste stadspoort kwam schrok ik wel een beetje van de enorme toeristische drukte, maar die is wel begrijpelijk. Dit is echt een unieke plek. Met de fiets aan de hand laveerde ik naar het Syndicat d’Initiative om te vragen waar ik het adres kon vinden dat ik op het oog had om te gaan slapen. De jongeman achter de balie was heel erg behulpzaam. Hij vond het adres dat ik had gekozen niet het juiste. Volgens hem moest ik naar de nonnen gaan, naast de Sanctuaires. Volgens hem de mooiste plek van de stad. Hij belde of er plaats was – wat het geval was – en wees me de weg. Het was nog wel even klimmen, zei hij. En dat was het. Jösesmaria, die 10% van eerder op de dag bleek een eitje. Hier zat een stuk van 16 à 17% in. Ik dacht dat ik ter plekke dood ging. Hijgend kwam ik boven en wat bleek: het was het waard, het wás het mooiste plekje van de stad. De refuge “Lou Calou” is bovenop een uitstekende rots gebouwd en vanuit mijn kamertje kijk ik zo het ravijn in. Na gedoucht te hebben ging ik even op bed liggen en viel prompt in slaap. Pas twee uur later werd ik wakker. Die rustdag is nodig.

technologische pech
Helaas kwam ik er achter dat de oplader van de iPad kapot is.

Dag 2 21 augustus 2014

Odrimont – Florentville (112km)

De eerste nacht in de tent was wennen. Ik rolde telkens een beetje naar één kant, maar uiteindelijk rustte ik goed uit. Ik stond vroeg op en. Zat om 7.00 uur op de fiets. De zon kwam net op en sluiers mist hingen boven de velden. prachtig. Maar het was werkelijk ijskoud. Gelukkig had ik een lange fietsbroek aangetrokken. Bij gebrek aan handschoenen vielen mijn vingers er echter bijna vanaf. Bij ons afscheid had Cid nog gevraagd of ik de fleecehandschoenen die hij droeg wilde meenemen. Leek me niet nodig, maar helaas: ze zijn wel nodig.

Inzicht: ik ben een eigenwijze klojo.

De weg begon flink bergop en daarna omlaag langs de Ourthe. Het was er fantastisch mooi.

IMG_0290.JPG

IMG_0291.JPG

Ineens verdween echter de zon en er vormde zich een deken van mist op mijn route. Zonder veel te kunnen zien reed ik verder tot Moulin de Bistain. Ik arriveerde er na dik een uur fietsen. En, het lot was me vandaag gunstiger gezind want de campingbaas zag me komen en zette een lekkere kop koffie voor me. Een standbeeld voor die man! We hadden een leuk gesprek over alles wat er komt kijken bij het uitbaten van een camping in de Ardennen. Hij was een Nederlander die zeven jaar geleden met zijn vrouw Nederland vaarwel had gezegd. Om daar, in the middle of nowhere een nieuw leven te beginnen. Een camping, een restaurant en een prachtige – zij het desolate – omgeving. De zaken liepen goed, ze hadden het er naar hun zin en hij was een tevreden mens.

de weg door de zuidelijke Ardennen was mooi. Kleine, afgelegen dorpjes, een glooiend landschap met heel wat klimmetjes en prachtige vergezichten. Ik kwam nog langs Bastogne en kon het niet nalaten deze foto te maken:

IMG_0294.JPG

Toen ik mijn einddoel voor vandaag naderde (jamoigne) kon ik de camping niet vinden. Tot twee keer toe keerde ik om en uiteindelijk zag ik een aftands bordje dat zei: “camping”. Het was niet voor niets aftands, de campin bestond namelijk niet meer. Dat betekende dat ik 10 km verderop, in Florenville, naar een camping moest. Van de route af, bergop. Nu zit ik op die camping, op een heel mooi plekje naast de rivier de Semois. En ik ben best wel moe.

IMG_0296.JPG

Ik ben benieuwd wat de dag van morgen brengt. Dan rijd ik Frankrijk binnen, langs de slagvelden uit WO I.

Dag 1, 20 augustus

Meerssen – Odrimont

De Ardennen zijn desolaat. Dat wist ik natuurlijk wel, maar als je op je fiets er doorheen gaat in plaats van volle gas met de auto over de snelweg, dan zie je pas hóe desolaat. Wat een verschil met vanochtend. Ik zou om 8 uur vertrekken. O. Kwart voor 8 zat het huis vol met vrienden en familie die me kwamen uitzwaaien. Daarvóór hadden we met het gezin ontbeten. Ik vond het een vreemde ervaring: we zaten bijeen als altijd ’s ochtends, maar nu ging ik weg en kom. Pas over een maand weer. Raar gevoel. Na een hartstochtelijk afscheid vertrok. Met Cid. Hij vergezelde metot in Gronsveld. Dat vond ik erg leuk van hem, maar opnieuw: het afscheid was vreemd. Een paar dikke knuffels en dan “doei hè”.

En toen op weg naar de Ardennen. Mijn plan was om bij de adbij van Val Dieu een kop koffie te drinken. Maar helaas, de paters sliepen nog en het restaurant was nog gesloten. Ik was te vroeg.

IMG_0297.JPG

Dan maar door naar Clermont, daar wist ik nog een café: gesloten. Ik heb al eerder geschreven over Clermont, het is een prachtig pelgrimsplaatsje.

IMG_0298.JPG

Maar goed, in de hele Ardennen leek geen koffie te krijgen. Ook niet in Theux, waar ik uiteindelijk op de speelplaats van een school mijn meegebrachte lunch nuttigde. Ik rustte wat uit, genoot van de zon op mijn gezicht. Dat rusten was geen overbodige luxe, want het stuk van Theux naar Stoumont was loodzwaar. Ik merkte dat als je lijf vermoeid raakt, de bagage steeds zwaarder lijkt te worden. Op wilskracht klom ik 13 km, om beloond te worden met een afdaling van 4 km. Heerlijk. En als toefje op de taart bleek pnderaan de afdaling een bakker te zitten die koffie serveerde. Inmiddels was het half 2, terwijl ik om kwart over 9 al behoefte had aan een teske. Ik dronk er daarom drie. Het was heerlijk warm in de bakkerij, zodat ik langzaam een beetje weg doezelde. Maar na drie kwartier ging ik weer op pad. De laatste 25 km van de dag, door het prachtige Liennedal. Weliswaar was het een klim van 23 km die ik aardig in mijn benen voelde, maar ik genoot en erg steil was het niet.

IMG_0305.JPG

In Odrimont vond ik een camping met een warme douche. In de bar kletste ik wat met de uitbater en daarna rust voor de volgende dag.

Laatste dag thuis

Vandaag was ik de laatste dag thuis. Redelijk wat stress om de laatste werkzaamheden af te ronden. Maar het is gelukt.

Vanmiddag kreeg ik bij pastoor Van Meijgaarden van de Basiliek in Meerssen mijn eerste stempeltje in het pelgrimspaspoort.

IMG_0287.JPG

IMG_0289.JPG

Vanavond wilde ik met mijn Extrawheel pronken. Dat viel tegen: lekke band. En dat terwijl ik er gisteren een nieuwe binnenband op had gelegd. Dat had ik dus niet goed gedaan, want er zat nu een fijne scheur in. Gelukkig stond Roger V. zoals altijd voor me klaar en staat mijn karretje nu met goed opgepompte bandjes op me te wachten.